De Belgische Kaasridders Verbroedering "Afdeling Vlaanderen"

Confrerie des Compagnons Fromagers

Statuten - Reglementering van inwendige orde - Huishoudelijk reglement

Art. 1) De naam van de vereniging luidt:
"De Belgische Kaasridders Verbroedering".
De vereniging is een besloten vereniging volgens het statuut van een feitelijke vereniging welke door een raad van bestuur geleid wordt die aangeduid wordt door de algemene vergadering. De algemene vergadering wordt statutair vertegenwoordigd door de actieve volwaardige leden. De algemene vergadering moet minstens éénmaal per jaar officieel samenkomen, zij is het hoogste orgaan van de vereniging. Regelmatig dient er een “Kapittel” te worden georganiseerd waar nieuwe leden en Ereleden ter intronisatie worden voorgedragen. De vereniging is opgericht voor onbepaalde duur. Het aantal leden mag nooit minder zijn dan drie. De vereniging komt minstens 2 maal per werkjaar samen in een gewone vergadering.

Art. 2) De raad van bestuur wordt op de jaarlijkse vergadering telkens gekozen voor een mandaat van 2 jaar. De verschillende mandaten worden bepaald door de algemene vergadering. Deze bestaan uit: Voorzitter, Ondervoorzitter, Secretaris en Penningmeester. Feestbestuurder en andere functies kunnen ingevuld worden door de algemene vergadering. De zetel is gevestigd op het adres van de voorzitter in functie. Bij ontstentenis van een der bestuursfuncties binnen de vereniging dient de algemene vergadering samengeroepen te worden op wiens voordracht de bestuursfuncties opnieuw ingevuld moeten worden. De bestuurder/penningmeester dient jaarlijks bij het samenroepen van de algemenen vergadering de nodige balansen en bescheiden voor te leggen om zijn financieel verslag goed te kunnen keuren.

Art. 3) De belangrijkste beroepsactiviteit van de leden is de verkoop van zuivelproducten en dit ten belopen van minimaal 60 % van de omzet.

Art. 4) De vereniging bestaat enkel uit werkende en actieve leden. Elk lid beschikt over een vetorecht t.o.v. nieuwe leden. Nieuwe leden kunnen aanvaard worden door een voltallige vergadering. De vergadering dient te onderzoeken of de vakbekwaamheid en de winkelprofilering van het kandidaat-lid voldoet aan de geest en de doelstellingen van de vereniging. Elk kandidaat-lid dient over een peter of meter te beschikken en wordt slechts toegelaten na het bekomen van een positief advies van een toelatingscommissie bestaande uit een raad van vreemden (samenstelling wordt bepaald door de algemene vergadering van de leden). Ieder kandidaat lid dient minstens 5 opeenvolgende jaren zelfstandig een kaasspeciaalzaak open te houden. Tot uitsluiting van een werkend lid kan slechts besloten worden door tweederde meerderheid der stemmen.

Art.5) Elk lid is verplicht de vergaderingen zoveel mogelijk bij te wonen. De leden die zonder verwittiging of zonder verontschuldiging aan de voorzitter driemaal afwezig blijven worden statutair als ontslagnemend beschouwd.

Art. 6) Elk lid moet zijn jaarlijkse bijdrage voldoen, zoniet wordt hij uitgesloten van de vergadering en vereniging.

Art.7) Elk nieuw lid is voor één jaar "Aspirant-lid Kaasridder" en wordt na verloop van deze periode door de algemene vergadering voorgedragen tot volwaardig lid als “Kaasridder”.

Art. 8) De leden moeten het imago van “Kaasspecialist” uitstralen en de bekendheid en promotie van “Rauwmelkse- en Kwaliteitskazen” bevorderen. Dit artikel is tevens het doel van de vereniging.

Art. 9) De leden moeten elk onderling hun kennis uitwisselen en doorgeven maar er wel voor zorg dragen dat de specifieke gespecialiseerde beroepskennis binnen de vereniging besloten blijft.

Art. 10) Actieve leden welke op rust gaan en gedurende de 5 voorgaande jaren werkend lid van de vergadering waren, worden door de algemene vergadering voorgedragen als “Erelid”.
Ereleden kunnen niet meer deelnemen aan de gewone vergaderingen. Zij zijn steeds uitgenodigd op alle andere activiteiten zoals bv. Kapittels.

Art. 11) De vereniging kan enkel ontbonden worden bij goedkeuring door een tweederde meerderheid van de algemene vergadering. De opheffing der eigendommen en bezittingen dient geregeld te worden door de bepalingen van art. 18 en 22 van de wet van 27 juni 1921 van het burg. Wetboek.